Naar hoofdinhoud
Het college acht zich verplicht tot de aanpak van fraude. In dit kader: a.. Herziet dan wel trekt het college het recht op uitkering in, indien de uitkering tot een te hoog bedrag dan wel ten onrechte is verleend; b.. Maakt het college ten volle gebruik van de bevoegdheid tot terugvordering, zoals deze haar op grond van artikel 58 tweede lid en artikel 59 Participatiewet alsmede artikel 25 tweede lid en artikel 26 IOAW/IOAZ, toekomt; en c.. Bruteert het college de vordering, welke zijn ontstaan door gebruik te maken van de onder sub b genoemde bevoegdheid, bij gebreke van niet tijdige betaling in het lopende boekjaar. Wanneer door een andere (uitkerende) instantie wordt verzocht om een verrekenstaat wordt deze altijd bruto opgesteld.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel