1. Het is verboden schade toe te brengen aan of veranderingen aan te brengen in de toestand van bij de gemeente in beheer zijnde openbare wateren, havens, dijken, wallen, kaden, trekpaden, beschoeiingen,
oeverbegroeiing, bruggen, zetten, duikers, pompen, waterleidingen, gordingen, aanlegpalen, stootpalen,
bakens of sluizen.
2. Het verbod is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door het Wetboek van Strafrecht, het Binnenvaartpolitiereglement, de Waterwet of de Verordening water Noord- Brabant.
HOOFDSTUK 5. › Paragraaf
Artikel 5:28
Beschadigen van waterstaatswerken
Onderdeel van Verordening van de gemeenteraad inhoudende de Algemene Plaatselijke Verordening