**1..** Een budget wordt vastgesteld als onderdeel van de programmabegroting, nadat de raad, bij vaststelling van de programmabegroting of tussentijds bij begrotingswijziging, het college opdracht geeft om die begroting uit te voeren.
**2..** Een budget in de vorm van een krediet wordt vastgesteld bij afzonderlijk besluit van de raad, al dan niet in het kader van de vaststelling van de begroting.
**3..** Verplichtingen, anders dan die ten laste van budgetten die bestaan op basis van een vastgesteld krediet, worden ten behoeve van het dienstjaar aangegaan en ten laste van de betreffende jaarrekening gebracht indien de activiteit in het dienstjaar heeft plaats gevonden of de beoogde prestatie in dat jaar is geleverd.
**4..** Een structureel uitgavenbudget dat in een begrotingsjaar niet geheel is besteed wordt toegevoegd aan de algemene middelen.
**5..** Een incidenteel uitgavenbudget dat in een begrotingsjaar niet geheel is besteed, kan alleen bij besluit van de raad worden overgeheveld naar het volgende begrotingsjaar, onder de volgende omstandigheden:
het budget is incidenteel toegekend
de gevraagde ruimte is aanwezig
in de begroting voor het volgende jaar zijn voor dezelfde prestatie geen middelen opgenomen.
Dit budget vervalt als de middelen niet zijn ingezet in het jaar volgend op het begrotingsjaar waarvoor het budget is toegekend.
**6..** Indien een investeringsbudget een uitvoeringsperiode heeft die meer dan één begrotingsjaar bestrijkt is de budgethouder bevoegd de verplichtingen in/voor de betreffende jaren aan te gaan.