Burgemeester en wethouders kunnen een ontheffing intrekken of wijzigen als:
a. ter verkrijging daarvan onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt;
b. verandering van omstandigheden en inzichten dit naar hun oordeel noodzakelijk maken in het belang van de belangen ter bescherming waarvan de ontheffing is vereist;
c. de exploitatie van de winkel, dan wel de activiteit als bedoeld in artikel 2 lid 2 van de wet, op basis van de ontheffing gevaar oplevert voor de openbare orde, de veiligheid of het woon- en leefklimaat ter plaatse;
d. aan ontheffing verbonden voorschriften en beperkingen niet zijn of worden nagekomen;
e. van de ontheffing geen gebruik wordt gemaakt binnen een daarbij gestelde termijn;
f. de houder of zijn rechtverkrijgende dit verzoekt.
Artikel 8
Intrekken of wijzigen ontheffing
Onderdeel van WINKELTIJDENVERORDENING MIDDEN-GRONINGEN 2019