**1..** Voor de toepassing van deze regeling wordt verstaan onder:
betrokkene: de ambtenaar of gewezen ambtenaar in de zin van de CAR;
woongebied: een door het college aan te wijzen gebied aansluitend aan het grondgebied van de gemeente;
standplaats: de gemeente of het met name genoemde deel daarvan, waar de ambtenaar gewoonlijk zijn werkzaamheden verricht;
gezinsleden: de echtgenoot, geregistreerde partner van de betrokkene en de kinderen, stief- en pleegkinderen van de betrokkene en/of van de echtgenoot, geregistreerde partner, voor zover zij samenwonen;
eigen huishouding voeren: het zelfstandig en voor eigen rekening bewonen van woonruimte, voorzien van eigen meubilair en stoffering, een en ander ter be-oordeling van het bestuursorgaan;
berekeningsbasis: het twaalfvoud van het salaris per maand inclusief eventuele salaristoelage(n), dan wel hetgeen daarmede overeenkomt ingeval dat artikel niet op hem van toepassing is - die betrokkene geniet op het berekeningstijd-stip, vermeerderd met 8% en in voorkomende gevallen vermeerderd met:
genoten wachtgeld of uitkering krachtens hoofdstuk 10 of 11 of een geno-ten werkloosheidsuitkering krachtens de WW en eventueel hoofdstuk 10a;
genoten herplaatsingstoelage hoofdstuk 12 van het pensioenreglement;
berekeningstijdstip: 1e datum waarop de betrokkene verhuist; 2e indien de be-trokkene verhuist voor de datum dat de functie feitelijk wordt vervuld, de da-tum van ingang van de functievervulling; 3e bij het overlijden of ontslag van de betrokkene, de datum waarop de laatste salarisbetaling heeft plaatsgevonden;
verplaatsen en verplaatsing: veranderen onderscheidenlijk verandering van de standplaats van de betrokkene in opdracht van het bestuursorgaan;
verplaatsingskostenvergoeding: tegemoetkoming in de kosten van een ver-plaatsing dan wel van een verhuizing voortvloeiende uit indiensttreding of ont-slag, ofwel een tegemoetkoming in reis- en pensionkosten voor de periode dat de verhuizing nog niet heeft plaatsgevonden;
dienstwoning: de door het bestuursorgaan aan de betrokkene in verband met de uitoefening van zijn functie aangewezen woning.
**2..** Bij de toepassing van dit hoofdstuk wordt artikel 1:2:1 in acht genomen.
Hoofdstuk 17
Artikel 18:1:1