De budgethouder is bevoegd tot het doen van uitgaven:
Tot maximaal de in de exploitatiebegroting (productenraming) opgenomen budgetten;
Tot maximaal het saldo van de voorziening, voor zover dit door de gemeenteraad of het college is vrijgegeven;
Tot maximaal het bedrag van de door de gemeenteraad beschikbaar gestelde investeringsbudgetten.