1. Een tweede ondermandaat en een tweede volmacht zijn toegestaan, tenzij in het mandaatregister is aangegeven dat dit niet is toegestaan.
2. Het verlenen van ondermandaat of volmacht dient te geschieden bij schriftelijk besluit c.q. ondervolmacht.
3. Op ondermandaten en ondervolmacht zijn deze bepalingen overeenkomstig van toepassing. Door het verbinden van voorwaarden kan het ondermandaat of ondervolmacht worden beperkt.
4. De derde gemandateerde of gevolmachtigde aan wie middels ondermandaat of ondervolmacht bevoegdheden zijn gegeven mag deze bevoegdheid niet verder doorgeven, tenzij er (in het geval van een mandaat) sprake is van een situatie als bedoeld in artikel 10:4 van de Algemene wet bestuursrecht.
5 Voor de uitvoering van een project kunnen IRM-ers aan medewerkers en/of aan externen, een ondermandaat en ondervolmacht verlenen, om voor dat project beperkte aanvullende opdrachten te verlenen, of wijzigingen van ondergeschikt belang door te voeren. Dit dient schriftelijk te gebeuren. De beperking in lid 4 is niet van toepassing op een projectmachtiging.