1. Een dagplaats kan worden toegewezen door loting aan houders van een meeloperpas als bedoeld in artikel 14 van het Marktreglement die zich daarvoor op de dag zelf voor 8.00 uur aanmelden bij de marktmeester.
2. Voor een branche waarvan de branchering volledig is gevuld met houders van een vergunning voor een vaste standplaats vindt slechts eens per vier weken loting voor een dagplaats plaats.
3. Voor (sub)branches waarvan het aantal vaste standplaatshouders het aantal in de branchering overschrijdt, vindt in afwijking van het bepaalde in het tweede lid in het geheel geen loting voor een dagplaats plaats.
4. Een dagplaats wordt eerst aangeboden aan de vaste standplaatshouder ter uitbreiding van zijn plaats met ten hoogste 1 kraam onder voorwaarde dat het in artikel 2 aangegeven minimum aantal dagplaatsen beschikbaar blijft.
5. Aan de eerste ronde van de loting voor het in artikel 2 voor de betreffende markt opgenomen aantal dagplaatsen nemen ondernemers met branchevreemde producten deel of ondernemers die een product verkopen waarvan een vergunninghouder niet is verschenen. In de tweede ronde loten zij mee met de (sub)branche die al is toegewezen aan vaste standplaatshouders per branche zoals vermeld in artikel 3 voor de betreffende markt. Bij die tweede loting wordt per dag ten hoogste 1 dagplaats toegewezen.
6. De loting voor dagplaatsen vindt plaats om 8.00 uur op de dag van de weekmarkt.
7. De loting geschiedt aan de hand van een willekeurig gekozen getal. Uitgifte van de plaatsen vindt vervolgens in volgorde van de loting plaats. De marktmeester wijst vervolgens de opengevallen plaatsen toe aan diegenen die zijn ingeloot, met een maximum van acht strekkende meter, afhankelijk van de beschikbare ruimte. De deelnemers aan de loting worden in volgorde van aanmelding door de marktmeester op een lijst genoteerd.
HOOFDSTUK 2.
Artikel 13