Naar hoofdinhoud
1.. De burgemeester of wethouder handelen in de uitoefening van het ambt niet zodanig dat zij vooruitlopen op een functie na aftreden. 2.. Als een wethouder gedurende het wethouderschap voornemens is om een functie te aanvaarden, te vervullen na het wethouderschap, dan bespreekt deze wethouder dat met de burgemeester.

Rechtspraak bij dit artikel