Voor de in de tarieventabel bij deze verordening behorend nummer 1, geldt het volgende:
De belasting is verschuldigd bij aanvang van het belastbare feit.
In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen of nota’s dan wel op één aanslagbiljet verenigde aanslagen of nota’s met een totaalbedrag kleiner dan of gelijk aan € 50,00 worden betaald in één termijn welke vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet of nota is vermeld.
In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 en in afwijking van artikel 8, tweede lid van deze verordening moeten de aanslagen/nota's dan wel op één aanslagbiljet of nota verenigde aanslagen/nota’s met een bedrag groter dan € 50,00 worden betaald in vier gelijke termijnen waarvan de eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet of nota is vermeld en de volgende termijnen telkens twee maanden later.
In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 en in afwijking van artikel 8, derde lid van deze verordening moeten de aanslagen/nota's worden betaald in acht gelijke termijnen indien het bedrag van de aanslag/nota, dan wel het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet of nota verenigde aanslagen/nota's, groter is dan € 50,00, zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische betalingsincasso van de betaalrekening van de belastingschuldige worden afgeschreven. De eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgend op die welke in de dagtekening van het aanslagbiljet of nota is vermeld en elk van de volgende termijnen telkens een maand later.
De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen.
Voor de in de tarieventabel bij deze verordening behorende nummers 2 en 5 geldt het volgende:
De belasting is verschuldigd bij aanvang van het belastbare feit.
In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen dan wel op één aanslagbiljet verenigde aanslagen worden betaald in één termijn welke vervalt twee maanden na de dagtekening van het aanslagbiljet.
In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 en in afwijking van artikel 8, achtste lid, van deze verordening, moeten de aanslagen waarvoor de belastingschuldige een machtiging heeft afgegeven om deze af te schrijven door middel van automatische incasso, worden betaald in zoveel gelijke maandelijkse termijnen als er na de dagtekening van de aanslag nog in het desbetreffende heffingsjaar volle dan wel gedeeltelijke kalendermaanden resteren, met dien verstande dat het aantal maandelijkse termijnen tenminste zes bedraagt. De eerste termijn vervalt één maand na de dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen telkens een maand later.
In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 en in afwijking van artikel 8, achtste lid en negende lid, van deze verordening dienen de aanslagen gemeentelijke heffingen dan wel op één aanslagbiljet verenigde aanslagen gemeentelijke heffingen met een totaalbedrag groter dan € 4.500,00 waarvoor de belastingschuldige een machtiging heeft afgegeven om deze af te schrijven door middel van automatische incasso, te worden betaald in één termijn welke vervalt twee maanden na de dagtekening van het aanslagbiljet.
De algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen.
Voor de in de tarieventabel bij deze verordening behorende nummers 3 en 4 geldt het volgende:
De belasting is verschuldigd bij aanvang van het belastbare feit.
In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen of nota’s dan wel op één aanslagbiljet verenigde aanslagen of nota’s worden betaald in één termijn welke vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet of nota is vermeld.