Lid 1
De reiskosten openbaar vervoer worden vergoed overeenkomstig artikel 3:21 CAR-UWO.
Lid 2
De kosten van het gebruik van een privé vervoermiddel worden vergoed conform de Reisregeling Binnenland voor wat betreft een motorvoertuig overeenkomstig artikel 2 van deze reisregeling en voor wat betreft een bromfiets, snorscooter of snorfiets overeenkomstig de eerste volzin van artikel 3 van deze reisregeling.
Lid 3
Het gebruik van een fiets komt niet voor vergoeding in aanmerking.
Lid 4
Boven op de vergoeding als bedoeld in voorgaande leden van dit artikel, worden aan de medewerker vergoed hetgeen door hem is betaald voor parkeer-, veer- en tolkosten.
Toelichting artikel 3
De hogere reiskostenvergoeding geldt voor een motorvoertuig en de lagere reiskostenvergoeding voor een bromfiets, snorscooter of snorfiets. Op iedere werklocatie staan dienstfietsen en is er geen vergoeding voor gebruik van de (privé) fiets.
Artikel 3