Naast de verplichtingen op grond van artikel 10 en 11 van de ASA 2013, zijn aan de subsidie de volgende verplichtingen verbonden:
broedplaatsen zijn gedurende de looptijd van de broedplaats verplicht jaarlijks aan BBp te rapporteren over de (financiële) gang van zaken en het (CAWA) gebruik;
de broedplaats neemt gedurende de looptijd van de broedplaats deel aan de door BBp ingeplande stand van zakengesprekken;
voor de broedplaatsen betalen de CAWA-creatieven gedurende de periode als aangegeven in de beschikking ieder tussen de € 150 en € 300 per maand (excl. WEVI) 1 WEVI = water, elektra, verwarming en internet voor hun ateliers of een werkplek daarbinnen, exclusief water, elektra, verwarming en internet en eventuele btw;
zodra de subsidieontvanger winst gaat maken zal aan het einde van de looptijd en tot de hoogte van het definitief vastgestelde subsidiebedrag de winst terugbetaald moeten worden aan de subsidieverstrekker;
het CAWA-percentage van de broedplaats moet gedurende de looptijd van de broedplaats altijd gelijk zijn aan of hoger liggen dan het bij de subsidieaanvraag overeengekomen percentage.
Hoofdstuk 4
Artikel 9.