** 1. .** Het college stelt de hoogte van de bestuurlijke boete vast op:
100% van het benadelingsbedrag als de inlichtingenplicht opzettelijk is overschreden;
75% van het benadelingsbedrag als sprake is van grove schuld ten aanzien van de overtreding van de inlichtingenplicht;
50% van het benadelingsbedrag als er geen sprake is van opzet of grove schuld ten aanzien van de overtreding van de inlichtingenplicht;
10% van het benadelingsbedrag als sprake is van verminderde verwijtbaarheid ten aanzien van de overtreding van de inlichtingenplicht.
** 2. .** Bij recidive past het college de percentages, genoemd in het eerste lid van dit artikel, toe op het benadelingsbedrag, vermenigvuldigd met 150% van dit bedrag.
** 3. .** Bij toepassing van het eerste en tweede lid is de bestuurlijke boete in ieder geval niet hoger dan:
5% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm, vermenigvuldigd met 24 maanden, als de inlichtingenplicht opzettelijk is overtreden;
5% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm, vermenigvuldigd met 18 maanden, als sprake is van grove schuld ten aanzien van de overtreding van de inlichtingenplicht;
5% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm, vermenigvuldigd met 12 maanden, als er geen sprake is van opzet of grove schuld ten aanzien van de overtreding van de inlichtingenplicht;
5% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm, vermenigvuldigd met 6 maanden, als sprake is van verminderde verwijtbaarheid ten aanzien van de overtreding van de inlichtingenplicht.
** 4. .** Als de hoogte van de op te leggen bestuurlijke boete lager is dan € 40,00 ziet het college af van het opleggen van een bestuurlijke boete.
** 5. .** Het college verlaagt de hoogte van de bestuurlijke boete als dit vanwege bijzondere omstandigheden noodzakelijk is voor de vaststelling van een evenredige bestuurlijke boete.
** 6. .** Het college geeft uitvoering aan artikel 2, tweede lid van het Boetebesluit socialezekerheidswetten over de afronding van de bestuurlijke boete, wanneer de boete lager is vastgesteld dan het benadelingsbedrag.
** 7. .** Als de schending van de inlichtingenplicht heeft plaatsgevonden vóór 1 januari 2013 en heeft voortgeduurd na 1 januari 2013, dan beoordeelt het college het gedeelte van de overtreding dat zich heeft voorgedaan vóór 1 januari 2013, naar het recht dat vóór die datum gold.
** 8. .** Bij cumulatie van boeten, legt het college de hoogste boete op.
Hoofdstuk 4: › Paragraaf 4.3:
Artikel 4:9:
Vaststellen hoogte bestuurlijke boete
Onderdeel van Verzamelbeleidsregels Participatiewet, IOAW, IOAZ en BBZ behorend bij Verzamelverordening 2017