Het college maakt gebruik van de wettelijke bevoegdheid tot:
Het herzien of intrekken van een besluit tot toekenning van bijstand ingevolge het bepaalde in artikel 54, derde en vierde lid, van de Participatiewet, artikel 17, vierde lid van de IOAW en artikel 17, derde lid van de IOAZ.
Het terugvorderen van ten onrechte verleende bijstand ingevolge het bepaalde in de artikelen 58, tweede lid en 59 van de Participatiewet, artikel 25, tweede lid en artikel 26, tweede lid van de IOAW en artikel 25, tweede lid en artikel 26, tweede lid van de IOAZ.
7.4.2Afzien van terugvordering
Hoofdstuk › Paragraaf
Artikel 7:30