**1..** Een inwoner is een bijdrage in de kosten verschuldigd:
voor het gebruik van een deel van de algemene voorzieningen, niet zijnde cliëntondersteuning;
voor een maatwerkvoorziening in natura dan wel een persoonsgebonden budget.
**2..** De bijdrage, als bedoeld in artikel 3.1, tweede lid, van het Uitvoeringsbesluit Wmo, is gelijk aan de kostprijs en bedraagt maximaal € 17,50 per vier weken voor de cliënt of de gehuwde of daarmee gelijkgestelde cliënten tezamen.
**3..** In afwijking van het eerste lid is geen bijdrage verschuldigd voor:
Rolstoelen
Een maatwerkvoorziening in natura of een persoonsgebonden budget ten behoeve van een woningaanpassing voor een minderjarige inwoner tot het achttiende levensjaar.
(in uitzonderlijke gevallen) verstrekking, onderhoud en reparatie voor een voorziening die in een algemene ruimte wordt ingezet.
Niet AOW-gerechtigde meerpersoonshuishoudens. Voor deze groep is de eigen bijdrage op nihil gesteld.
De maatwerkvoorziening arbeidsmatige dagbesteding voor inwoners met een indicatie beschut werk die op de wachtlijst staan voor een beschutte werkplek.
De maatwerkvoorziening Wmo-begeleiding groep met het doel activering naar re-integratie voor bijstandsgerechtigde inwoners voor een begeleidingstraject van maximaal 116 dagdelen, onafhankelijk van de duur genoemd in de indicatie.
**4..** De kostprijs van een maatwerkvoorziening in natura is bepaald door de contractuele afspraken tussen de gemeente en de aanbieder.
Hoofdstuk 4. › Paragraaf 4.3
Artikel 4:9