**1..** Jaarlijks wordt een begroting en meerjarenraming opgesteld met in achtneming van de artikelen 34 en 35 van de Wgr en het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten.
**2..** Het dagelijks bestuur zendt jaarlijks vóór 15 april de ontwerpbegroting en meerjarenraming van de veiligheidsregio voor het komende kalenderjaar toe aan de raden van de deelnemende gemeenten.
**3..** Het dagelijks bestuur geeft de raden van de deelnemende gemeenten tot minimaal acht weken na toezending gelegenheid om hun zienswijze over de ontwerpbegroting en meerjarenraming naar voren te brengen. Het dagelijks bestuur voegt de commentaren waarin deze zienswijzen zijn vervat, en eventueel een nota van wijzigingen, bij de ontwerpbegroting en de meerjarenraming, zoals deze aan het algemeen bestuur worden aangeboden.
**4..** De ontwerpbegroting en meerjarenraming wordt door de zorg van de besturen van de gemeenten voor een ieder ter inzage gelegd en, tegen betaling van de kosten, algemeen verkrijgbaar gesteld.
**5..** Het algemeen bestuur stelt de begroting en de meerjarenraming vast vóór 15 juli van het jaar, voorafgaande aan het jaar waarvoor de begroting moet dienen.
**6..** Het algemeen bestuur stuurt de vastgestelde begroting en de meerjarenraming toe aan de raden van de gemeenten, die de in deze begroting voor de gemeente berekende bijdrage in de kosten in de gemeentelijke begroting voor het betreffende jaar opnemen.
**7..** Het dagelijks bestuur zendt de vastgestelde begroting en de meerjarenraming binnen twee weken na vaststelling doch in ieder geval vóór 1 augustus aan Gedeputeerde Staten van Flevoland.
**8..** Het tweede, derde en zevende lid zijn ook van overeenkomstige toepassing op besluiten tot wijziging van de begroting, voor zover deze besluiten van invloed zijn op de gemeentelijke bijdragen, met uitzondering van de genoemde data.
HOOFDSTUK 6
Artikel 16