Naar hoofdinhoud
1. . De verdeelsleutel voor de generieke gemeentelijke bijdragen wordt berekend op basis van het percentage van de uitkering uit het gemeentefonds aan een individuele gemeente in het totaal van de uitkeringen uit het gemeentefonds aan alle zes gemeenten. De uitkering uit het gemeentefonds, bedoeld in de vorige volzin, betreft de uitkering voor openbare orde en veiligheid, sub-cluster brandweer en rampenbestrijding, dan wel de uitkering – hoe ook genaamd – die verband houdt met de taken met betrekking tot crisisbeheersing en brandweer. Dit betekent in ieder geval dat indien de verdeling van het gemeentefonds wordt gewijzigd op basis van het rapport ‘Herijking verdeling klassiek domein gemeentefonds’, het de uitkering betreft die verband houdt met het onderdeel ‘crisisbeheersing en brandweer’. 2. . In afwijking van het eerste lid gelden in de jaren 2020 tot en met 2024 voo rhet bewerken van de generike bijdrage van de gemeenten Almere en Lelystad de volgende verdeelsleutels: In 2020 worden de gemeentelijke bijdragen voor 30% verdeeld op basis van de oppervlakte en voor 70% op basis van het aantal inwoners van een gemeente in het totaal van gemeenten. In afwijking daarop wordt voor de lokale brandweerzorg de verdeling op basis van de historische overdrachtsprijs, zijnde door de gemeenten overgedragen brandweertaken bij regionalisering in 2009, uit de gemeenten gehanteerd; In 2021 worden de gemeentelijke bijdragen voor 4/5e deel verdeeld op basis van de verdeelsleutel, bedoeld onder a, en voor 1/5e deel op basis van het eerste lid; In 2022 worden de gemeentelijke bijdragen voor 3/5e deel verdeeld op basis van de verdeelsleutel, bedoeld onder a, en voor 2/5e deel op basis van het eerste lid; In 2023 worden de gemeentelijke bijdragen voor 2/5e deel verdeeld op basis van de verdeelsleutel, bedoeld onder a, en voor 3/5e deel op basis van het eerste lid; In 2024 worden de gemeentelijke bijdragen voor 1/5e deel verdeeld op basis van de verdeelsleutel, bedoeld onder a, en voor 4/5e deel op basis van het eerste lid. 3.. In afwijking van het eerste lid gelden in de jaren 2020 tot en met 2026 voor het berekenen van de generieke bijdragen van de gemeenten Dronten, Noordoostpolder, Urk en Zeewolde de volgende verdeelsleutels:. In 2020 worden de generieke gemeentelijke bijdragen voor 30% verdeeld op basis van de oppervlakte en voor 70% op basis van het aantal inwoners van een gemeente in het totaal van gemeenten. In afwijking daarop wordt voor de lokale brandweerzorg de verdeling op basis van de historische overdrachtsprijs, zijnde door de gemeenten overgedragen brandweertaken bij regionalisering in 2009, uit de gemeenten gehanteerd; In 2021 worden de gemeentelijke bijdragen voor 6/7e deel verdeeld op basis van de verdeelsleutel, bedoeld onder a, en voor 1/7e deel op basis van het eerste lid; In 2022 worden de gemeentelijke bijdragen voor 5/7e deel verdeeld op basis van de verdeelsleutel, bedoeld onder a, en voor 2/7e deel op basis van het eerste lid; In 2023 worden de gemeentelijke bijdragen voor 4/7e deel verdeeld op basis van de verdeelsleutel, bedoeld onder a, en voor 3/7e deel op basis van het eerste lid; In 2024 worden de gemeentelijke bijdragen voor 3/7e deel verdeeld op basis van de verdeelsleutel, bedoeld onder a, en voor 4/7e deel op basis van het eerste lid; In 2025 worden de gemeentelijke bijdragen voor 2/7e deel verdeeld op basis van de verdeelsleutel, bedoeld onder a, en voor 5/7e deel op basis van het eerste lid; In 2026 worden de gemeentelijke bijdragen voor 1/7e deel verdeeld op basis van de verdeelsleutel, bedoeld onder a, en voor 6/7e deel op basis van het eerste lid 4.. De inwonersaantallen, bedoeld in het tweede en het derde lid, onder a, worden vastgesteld conform de inwonersaantallen per 1 januari van het voorgaand jaar, die gepubliceerd worden door de Provincie Flevoland. De oppervlakte van een gemeente, bedoeld in het tweede lid, onder a, wordt vastgesteld op basis van de totale gemeentelijke oppervlakte volgens CBS, waarbij het aantal hectaren binnenwater IJssel- meer/Markermeer gemaximeerd is op 10.000. 5. . De kosten worden jaarlijks geïndexeerd voor prijsontwikkeling van lonen en prijzen, volgens een in een financiële verordening vastgestelde systematiek. 6.. Andere ontwikkelingen en mutaties worden vóór het opstellen van de begroting in een nota van uitgangspunten door het algemeen bestuur vastgesteld. 7.. Bij het berekenen van het saldo van baten en lasten wordt rekening gehouden met bijdragen van het Rijk en van anderen. 8.. Voor de specifieke kosten die niet in redelijk gelijke mate ten behoeve van alle deelnemers zijn gemaakt, bepaalt het algemeen bestuur welke kosten als zodanig moeten worden aangemerkt en stelt het algemeen bestuur een nadere kostenverdeling vast. 9.. De specifieke kosten worden gedragen door de gemeenten die van de voorzieningen en diensten, waarvoor die kosten zijn gemaakt, gebruik hebben gemaakt en wel in de mate waarin zulks geschiedde. 10. De gemeenten betalen bij wijze van voorschot jaarlijks vóór 15 januari, 15 april, 15 juli en 15 oktober een vierde van de in artikel 16, zesde lid, bedoelde bijdrage. 11.. Blijft betaling voor de in het negende lid genoemde data achterwege, dan treedt een boetebeding in werking. Het aandeel wordt dan verhoogd met zoveel twaalfde gedeelten van de jaarrente als er maanden zijn verstreken sinds de desbetreffende vervaldatum. Een gedeelte van een maand wordt voor een volle maand gerekend. Het rentepercentage is gelijk aan het percentage van de wettelijk vastgestelde rente voor het jaar van inning van het aandeel.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel