De burgemeester kan overeenkomstig artikel 154a van de Gemeentewet besluiten tot het tijdelijk doen ophouden van door hem aangewezen groepen van personen op een door hem aangewezen plaats als deze personen het bepaalde in de volgende artikelen van de Algemene Plaatselijke verordening groepsgewijs niet naleven:
artikel 2:1, samenscholing en ongeregeldheden;
artikel 2:3 kennisgeving betogingen op openbare plaatsen;
artikel 2:10, het plaatsen van voorwerpen op of aan de weg in strijd met de publieke functie ervan;
artikel 2:11, aanleggen, beschadigen en veranderen van een weg;
artikel 2:16, openen straatkolken e.d.;
artikel 2:47, hinderlijk gedrag op openbare plaatsen;
artikel 2:48, verboden drankgebruik;
artikel 2:49, verboden gedrag bij of in gebouwen;
artikel 2:50, hinderlijk gedrag in voor het publiek toegankelijke ruimten;
artikel 2:73, afsteken van consumentenvuurwerk tijdens de jaarwisseling;
artikel 2:74, drugshandel op straat
artikel 5:34, verbod afvalstoffen te verbranden buiten inrichtingen of anderszins vuur te stoken;
artikel 5:34a, verbod vervoer kerstbomen, autobanden, pallets, huisraad en andere voorwerpen of stoffen, met het kennelijk doel deze op de weg te verbranden.
Hoofdstuk 2. › Paragraaf
Artikel 2:75