**1..** Het college bepaalt bij nader vast te stellen regels de afmetingen en de uitgifteduur van de particuliere graven. De uitgifteduur kan niet korter zijn dan de minimumtermijn vastgesteld in de Wet op de lijkbezorging.
**2..** Het in het eerste lid van dit artikel bedoelde recht wordt op aanvraag van de rechthebbende verlengd telkens met een door het college nader vast te stellen termijn, mits de aanvraag voor het verstrijken van de lopende termijn wordt ingediend.
**3..** Het in het eerste lid van dit artikel bedoelde recht wordt op aanvraag van de rechthebbende verlengd telkens met een door het college nader vast te stellen termijn, mits de aanvraag voor het verstrijken van de lopende termijn wordt ingediend.
De verlenging dient te worden aangevraagd door de rechthebbende of, indien deze is overleden, door één van de in artikel 21, lid 1 (Overdracht), bedoelde personen.
De onder lid 3a bedoelde periode van verlenging wordt naar boven toe afgerond op hele jaren.
**4..** Een uitsluitend recht op een particulier graf geeft de rechthebbende zeggenschap over wie in dat graf wordt begraven en begraven wordt gehouden, onder de voorwaarden en de beperkingen van deze verordening.
**5..** Een recht als bedoeld in lid 1 van dit artikel, kan slechts aan één rechthebbende worden verleend ten behoeve van zichzelf en voor de personen genoemd in artikel 21 lid 1 (Overdracht).
**6..** Het in artikel 1 bedoelde uitsluitend recht wordt door het college schriftelijk bevestigd met een grafakte.
Hoofdstuk 5.
Artikel 18.
Grafrechttermijn particuliere graven
Onderdeel van BEHEERSVERORDENING BEGRAAFPLAATS ROSENBURGH 2011