Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk › Paragraaf 2

Artikel 21

Spreektermijnen

Onderdeel van Reglement van orde 2019

De beraadslaging over een onderwerp of voorstel geschiedt ten hoogste in twee termijnen, tenzij de raad anders beslist. Niemand mag in één spreektermijn meer dan éénmaal het woord voeren. Het plaatsen van een interruptie, wordt niet als een spreektermijn aangemerkt, tenzij de raadsvoorzitter anders beslist. Degene, die in de tweede spreektermijn voor de eerste maal het woord voert, mag maar éénmaal het woord voeren, tenzij de raadsvoorzitter anders beslist. De raadsvoorzitter sluit iedere spreektermijn, nadat hij heeft geconstateerd, dat iedereen die in die termijn mag en wil spreken aan bod is geweest. Het bepaalde in het tweede en het derde lid is niet van toepassing op: het raadslid dat een amendement, een motie, ordevoorstel of een initiatiefvoorstel heeft ingediend, voor wat betreft dat amendement, motie of dat voorstel. Het geven van een toelichting op een motie vreemd aan de orde van de dag, een initiatiefvoorstel of een interpellatie.

Rechtspraak bij dit artikel