Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 2:28

Exploitatie openbare inrichting

Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Venray 2019

Het is verboden een openbare inrichting te exploiteren zonder vergunning van de burgemeester. De burgemeester weigert de vergunning als de exploitatie van de openbare inrichting in strijd is met een geldend bestemmingsplan of voorbereidingsbesluit. In afwijking van het bepaalde in artikel 1:8 kan de burgemeester de vergunning slechts geheel of gedeeltelijk weigeren als naar zijn oordeel moet worden aangenomen dat de woon- of leefsituatie in de omgeving van de openbare inrichting of de openbare orde op ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed. Geen vergunning is vereist voor een openbare inrichting die zich bevindt in een: winkel als bedoeld in artikel 1 van de Winkeltijdenwet voor zover de activiteiten van de openbare inrichting een nevenactiviteit vormen van de winkelactiviteit; zorginstelling; museum; of bedrijfskantine of -restaurant. Een vergunninghouder verzoekt schriftelijk aan de burgemeester om een persoon als leidinggevende op het aanhangsel bij de exploitatievergunning bij te laten schrijven of te laten verwijderen. Het in het vorige lid bedoelde verzoek geldt als aanvraag tot wijziging van het aanhangsel. De burgemeester weigert in ieder geval de wijziging van het aanhangsel indien de bij te schrijven persoon bedoeld in het vijfde lid van slecht levensgedrag is. De burgemeester verstrekt een gewijzigd aanhangsel indien de openbare inrichting ook beschikt over een geldige drank- en horecavergunning waarop ingevolge artikel 30a Drank- en Horecawet één of meer leidinggevende(n) is/zijn bijgeschreven. Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) is niet van toepassing op de vergunning bedoeld in het eerste lid en op de vrijstelling bedoeld in het vijfde lid.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel