Naar hoofdinhoud

Artikel 5:

Slotbepalingen

Onderdeel van Verordening gebruik Friese taal gemeente Harlingen

Deze verordening treedt in werking op de dag nadat hij bekend gemaakt is. Deze verordening wordt aangehaald als 'verordening gebruik Friese taal gemeente Harlingen'. Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 27 februari 2019 Voorzitter, Griffier, Toelichting Met de invoering van de Wet gebruik Friese taal zijn de mogelijkheden voor het gebruik van het Fries in het (formele) rechtsverkeer en het (formele) bestuurlijk verkeer versterkt. De Wet bepaalt in artikel 2 dat het Fries en het Nederlands worden aangemerkt als de twee officiële talen van de provincie Fryslân. In verschillende internationale verdragen is de positie van de Friezen en het Fries als officiële taal erkend. Nederland heeft ten eerste het Europees Handvest voor regionale talen of talen van minderheden (Trb. 1993, 1 en 199; 1998, 20) aanvaard. Met dit Handvest heeft de Nederlandse regering zich verplicht het Fries als tweede officiële taal in de provincie Fryslân te bevorderen en in stand te houden. Het Handvest is voor Nederland op 1 maart 1998 in werking getreden. Bovendien heeft Nederland op 16 februari 2005 het Kaderverdrag inzake de bescherming van nationale minderheden (Trb. 1995, 73 en 197) geratificeerd, waarna het op 1 juni 2005 voor ons land in werking is getreden. Bij goedkeuring van het wetsvoorstel tot ratificatie van dit verdrag hebben regering en parlement overeenstemming bereikt dat het Kaderverdrag alleen van toepassing zal zijn op de Friezen in Nederland. De Wet gebruik Friese taal beperkt zich daarom tot het Fries en het Nederlands. Ook de verordening beperkt zich tot deze twee officiële talen. De Wet gebruik Friese taal schrijft voor dat de in de provincie Fryslân gevestigde gemeenteorganen die niet tot de centrale overheid behoren, regels opstellen over het gebruik van de Friese taal in schriftelijke stukken en in het mondeling verkeer (tezamen: ‘het bestuurlijk verkeer’). De regels moeten in ieder geval bepalingen gericht op het versterken van de positie van de Friese taal binnen het werkgebied van het betreffende gemeenteorgaan bevatten (artikel 5, eerste lid, van de wet). Voor gemeenteorganen van gemeenten worden deze regels bij verordening vastgesteld. Daarnaast moeten de gemeenteorganen een beleidsplan over het gebruik van de Friese taal opstellen (artikel 5, tweede lid, van de wet).

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel