Naar hoofdinhoud
1.. Om in aanmerking te komen voor subsidie zoals bedoeld in artikel 4 van deze subsidieregeling dient te worden voldaan aan de volgende vereisten: er is niet eerder een subsidie verstrekt voor ontharden/vergroenen voor dat deel, voor het groene dak, of voor het afkoppelen van dakverharding of erfverharding waarvoor nu subsidie wordt gevraagd; en de betreffende aan te passen verhardingen in het kader van deze regeling zijn aangebracht minimaal 5 jaar voor datum van indiening; en het vergroeningsinitiatief, het groene dak of de afkoppelingswerkzaamheden blijven minimaal tien jaar in stand. 2.. Voor activiteiten zoals opgenomen in artikel 4 sub a en c geldt in aanvulling op het eerste lid dat de subsidieaanvrager zelf verantwoordelijk is voor het adequaat verwerken van zijn of haar hemelwater zonder dat er nadelige gevolgen bij omliggende percelen ontstaan. Hiertoe dient de subsidieaanvrager te onderzoeken of de bodemopbouw voldoende is om (hemel-)water te laten infiltreren. 3.. In aanvulling op de in de leden 1 en 2 opgenomen vereisten gelden de volgende eisen specifiek voor de in artikel 4 sub a, b en c te subsidiëren activiteiten: Artikel 4 sub a.: de minimaal te ontharden/vergroenen oppervlakte is 20 m2. Artikel 4 sub b.: de minimale oppervlakte voor een groen dak is 10 m2 ; en in de bestaande situatie wordt het dakwater geloosd op het openbare rioolstelsel of oppervlaktewater; en de subsidieaanvrager is zelf verantwoordelijk voor de bouwkundige staat van het gebouw en de draagkracht van de groene dak constructie; en bij de aanleg van een groen dak wordt het belang van het vasthouden en vertraagd afvoeren van regenwater in voldoende mate gediend, door een minimale wateropslag van 30 l/m2. Na benutting van deze wateropslag mag hemelwater overlopen naar groene zones in de tuin of naar de openbare ruimte; en het groen dak is opgebouwd uit een wortelwerende laag, alsmede een drainage-, substraat- en een vegetatielaag. Artikel 4 sub c: de minimaal af te koppelen oppervlakte is 20 m2; en in de bestaande situatie wordt het afstromend water geloosd op het openbare rioolstelsel of oppervlaktewater; en bij de afkoppelwerkzaamheden wordt het belang van het vasthouden en vertraagd afvoeren van regenwater in voldoende mate gediend, door een minimale waterberging van 20 l/m2. Na benutting van deze waterberging mag hemelwater eventueel via regenwaterleidingen overlopen naar groene zones in de tuin of naar de openbare ruimte. Artikel 4 sub d: Men komt enkel in aanmerking voor subsidie indien de genoemde activiteiten in artikel 4 vanaf 2019 worden uitgevoerd waardoor dit een substantiële verandering t.a.v. leefbaarheid en ontlasting van het rioolstelsel ten opzicht van de bestaande situatie, zijnde voor 1 januari 2019.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel