Naar hoofdinhoud
1.. De subsidie voor instandhouding van gemeentelijke monumenten en cultuurhistorisch waardevolle elementen geldt voor onderhoudskosten die noodzakelijk zijn voor een sobere en doelmatige instandhouding van een gemeentelijk monument of cultuurhistorisch waardevol element. 2.. De werkzaamheden dienen gericht te zijn op het behoud van aanwezige monumentale waarden, in het bijzonder historische materialen en constructies. 3.. Instandhoudingswerkzaamheden die in aanmerking komen voor subsidie zijn: herstel van rieten daken (met deklatten en beperkt herstel van sporen); herstel van dakvlakken gedekt met pannen (met deklatten), leien, lood, zink of koper met beperkt herstel van dakbeschot en sporen; herstel van goten (in hout, zink, koper of lood); herstel van buitenkozijnen, buitendeuren, raampartijen, luiken en stoepen; herstel van historische draagconstructies of onderdelen daarvan; herstel van windveren, schoorstenen, dakkapellen en loodaansluitingen; herstel van muurwerk (voegen, pleisteren, plaatselijk inboeten of herstel van metselwerk of natuursteen); constructieve en conserverende werkzaamheden aan funderingen; werkzaamheden ter bestrijding van houtaantasting en daarmee samenhangende conserverende werkzaamheden; herstel van glas-in-lood beglazing en ander bijzonder glas; herstel van waardevolle interieuronderdelen; uitwendig herstel van bijgebouwen, voor zover opgenomen in de redengevende omschrijving; herstel van overige authentieke of historische bouwelementen; schilderwerk indien dit het normale reguliere schilderwerk overstijgt; het treffen van tijdelijke voorzieningen gericht op het voorkomen van verval of voorkomen van vervolgschade. 4.. Niet subsidiabel zijn; kosten voor werkzaamheden die door de eigenaar in zelfwerkzaamheid worden uitgevoerd; kosten die gemaakt worden voor werkzaamheden die zijn uitgevoerd door een niet erkend bedrijf; de btw indien deze kan worden teruggevorderd.

Rechtspraak bij dit artikel