Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2: › Paragraaf

Artikel 11a

Zienswijze raden

Onderdeel van Gemeenschappelijke regeling Gemeentelijke Gezondheidsdienst Regio Utrecht

1. . Met inachtneming van artikel 10 lid 5 van de Wgr worden de raden van de deelnemende gemeenten voorafgaand aan het nemen van het besluit in de gelegenheid gesteld om een zienswijze naar voren te brengen indien het één van de volgende besluiten betreft. besluit algemeen bestuur om een voorstel tot wijziging van de gemeenschappelijke regeling in overweging te geven aan de colleges, overeenkomstig artikel 1 van de wet. overige besluiten van algemeen bestuur waarbij de gekwalificeerde meerderheid van het algemeen bestuur een zienswijze noodzakelijk acht. Als 2/3e van de raden een zienswijze vragen op een besluit dan moet de gemeenschappelijke regeling dit mogelijk maken 2. . De raden van de deelnemende gemeenten kunnen hun zienswijze schriftelijk kenbaar maken bij het dagelijks bestuur. Het dagelijks bestuur biedt de raden een termijn van minimaal twaalf weken voor het schriftelijk naar voren brengen van een zienswijze. 3. . Voorafgaande aan het nemen van het besluit waarover de zienswijze gegeven is stelt het dagelijks bestuur de raden van de deelnemende gemeenten, en indien het een besluit van het algemeen bestuur betreft, ook het algemeen bestuur, schriftelijk en gemotiveerd in kennis van het oordeel over de zienswijzen alsmede van de eventuele conclusies die het daaraan verbindt. 4. . Niet tijdig ontvangen zienswijzen kunnen door het dagelijks bestuur buiten beschouwing worden gelaten. 5. . De zienswijze met betrekking tot de kaderbrief en de begroting zijn separaat geregeld in artikel 44 van deze regeling.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel