Voor het uitzetten van middelen zijn de volgende richtlijnen en limieten van toepassing:
Middelen worden uitsluitend uitgezet ten behoeve van de uitoefening van de publieke taak. Het college motiveert in zijn besluit het openbaar belang van een dergelijke uitzetting van middelen en bedingt indien mogelijk en zo nodig voldoende zekerheden. Alvorens dit besluit door het college wordt genomen, moet de gemeenteraad vooraf in de gelegenheid worden gegeven zijn wensen en bedenkingen te uiten.
In afwijking van het eerste lid kunnen overtollige middelen in de vorm van leningen worden uitgezet bij andere openbare lichamen met dien verstande dat geen leningen kunnen worden verstrekt aan openbare lichamen ten aanzien waarvan de gemeente Buren met het financiële toezicht is belast.
Voor het overige worden gelden, rekening houdend met in de Wet fido opgenomen uitzonderingen, in ’s Rijks schatkist aangehouden.
Bij uitzettingen is minimaal de hoofdsom gegarandeerd.
Uitzettingen waarbij uitsluitend de hoofdsom of de hoofdsom vermeerderd met een percentage lager dan de dag-depositorente is gegarandeerd zijn mogelijk. Alvorens dit besluit door het college wordt genomen, moet de gemeenteraad, in die gevallen waarin de uitvoering van dit besluit ingrijpende gevolgen kan hebben voor de gemeente, de gelegenheid hebben gehad om zijn wensen en bedenkingen te uiten.
Het kopen van aandelen is uitgesloten, behalve voor zover deze gekocht worden in het kader van de uitoefening van de publieke taak.