Alle begrippen die in deze beleidsregels worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Participatiewet en de Algemene wet bestuursrecht.
In deze beleidsregels wordt verstaan onder:
belanghebbende: degene wiens belang rechtstreeks bij een besluit is betrokken;
college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente ‘s-Hertogenbosch;
woning: een woning als bedoeld in artikel 1, onderdeel k en i, Wet op de huurtoeslag, alsmede een woonwagen of woonschip, als bedoeld in artikel 3, zesde lid van de wet;
woonlasten: alle kosten die verbonden zijn aan het bewonen van een woning, zoals woonkosten, energiekosten etc. conform constante jurisprudentie op grond van de wet;
woonkosten:
als een huurwoning wordt bewoond, de per maand geldende huurprijs, als bedoeld in artikel 1, onderdeel d, van de Wet op de huurtoeslag;
als een eigen woning wordt bewoond, de tot een bedrag per maand omgerekende som van de verschuldigde hypotheekrente en de in verband met het in eigendom hebben van de woning te betalen zakelijke lasten, bestaande uit de rioolrechten, het eigenaarsgedeelte van de onroerendezaakbelasting en de opstalverzekering;
als in een opvang wordt verbleven: het bedrag dat betaald wordt om gebruik te kunnen maken van de opvang van de zgn. eigen bijdrage maatschappelijke opvang.
Hoofdstuk 1.
Artikel 1.
Begripsbepalingen
Onderdeel van Beleidsregels verlaging Participatiewet ’s-Hertogenbosch 2019