Een cliënt kan alleen in aanmerking komen voor een maatwerkvoorziening indien naar het oordeel van het college bij de cliënt de mogelijkheden om op eigen kracht, met gebruikelijke hulp, met mantelzorg of met hulp van andere personen uit het sociale netwerk, of met gebruikmaking van algemene voorzieningen of andere voorzieningen afwezig of ontoereikend zijn om:
de beperkingen die de cliënt ondervindt in de zelfredzaamheid of participatie te verminderen of weg te nemen en de cliënt met een, al dan niet aanvullende, maatwerkvoorziening in staat te stellen zo lang mogelijk in de eigen leefomgeving te blijven functioneren; of
de problemen die de cliënt ondervindt bij het zich handhaven in de samenleving, als sprake is van een cliënt met psychische of psychosociale problemen of die de thuissituatie heeft verlaten, al dan niet in verband met risico’s voor zijn veiligheid als gevolg van huiselijk geweld, te verminderen of weg te nemen en de cliënt met de, al dan niet aanvullende, maatwerkvoorziening in staat wordt gesteld om zich uiteindelijk weer op eigen kracht te handhaven in de samenleving.
Een cliënt komt in aanmerking voor een individuele voorziening voor zover het college heeft vastgesteld dat de jeugdige geen of slechts ten dele een oplossing voor zijn hulpvraag kan vinden:
op eigen kracht, al dan niet met zijn ouders of andere personen uit zijn netwerk;
door gebruik te maken van een overige voorziening;
of door gebruik te maken van de mogelijkheden in het kader van andere voorliggende voorzieningen of regelgeving.
Het college kent eveneens een individuele voorziening toe in de gevallen als bedoeld in artikel 2.5 en 2.6.
Het college besluit, indien de cliënt op een individuele voorziening of een maatwerkvoorziening is aangewezen, tot de goedkoopst adequate voorziening.
Het college kan een maatwerkvoorziening, anders dan in de vorm van dienstverlening, in bruikleen of in eigendom toekennen.
Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3.2.
Artikel 3.2.1.
Algemene criteria voor een individuele voorziening en een maatwerkvoorziening.
Onderdeel van Verordening jeugdhulp en maatschappelijke ondersteuning Hilvarenbeek 2019