De stukken als bedoeld in de artikelen 10 en 11 worden met ingang van de dag van verzending voor de leden, het college, de burgemeester, de griffier en de secretaris ter inzage gelegd op de griffie. Indien na dit tijdstip stukken ter inzage worden gelegd, wordt hiervan mededeling gedaan aan de leden.
In afwijking van het bepaalde in het eerste lid blijven stukken omtrent de inhoud waarvan ingevolge artikel 25, eerste danwel tweede lid van de Gemeentewet geheimhouding is opgelegd onder berusting van de griffier, die de leden van de raad inzage verleent.
HOOFDSTUK › Paragraaf
Artikel 13
- Ter inzage leggen van stukken voor raadsleden
Onderdeel van Reglement van Orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad 2019