Naar hoofdinhoud
1.. Het college betrekt ingezetenen van de gemeente, waaronder in ieder geval cliënten of hun (wettelijke) vertegenwoordigers, bij de voorbereiding van het beleid betreffende maatschappelijke ondersteuning, overeenkomstig de krachtens artikel 150 van de Gemeentewet gestelde regels met betrekking tot de wijze waarop inspraak wordt verleend. 2.. Het college stelt ingezetenen van de gemeente, waaronder in ieder geval cliënten of hun (wettelijke) vertegenwoordigers, vroegtijdig in de gelegenheid voorstellen voor het beleid betreffende maatschappelijke ondersteuning te doen, advies uit te brengen bij de besluitvorming over verordeningen en beleidsvoorstellen betreffende maatschappelijke ondersteuning, en voorziet hen van ondersteuning om hun rol effectief te kunnen vervullen. 3.. Het college stelt nadere regels vast ter uitvoering van het tweede lid en de overige onderwerpen als genoemd in artikel 2.1.3, derde lid, van de Wet.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel