De artikelen 13 en 19 van de verordening geven nadere regels omtrent de bekostiging van het eigen vervoer. Hieronder kan worden verstaan: ouders die de leerlingen zelf naar school vervoeren of laten vervoeren met een eigen vervoermiddel (auto, bromfiets etc.), of een leerling die gebruikmaakt van fietsvervoer.
Of van bekostiging van eigen vervoer sprake kan zijn is ter beoordeling van het college. Bepalend hiervoor is dat dit vervoer voor de gemeente de goedkopere wijze van vervoer is.
Ook kunnen aspecten als zelfredzaamheid van de leerling meespelen bij de beoordeling van het college of dat de leerling zelf gebruik kan maken van het vervoer per fiets.
Vervoer per fiets
Voor de bekostiging 9 cent per kilometer.
Eigen vervoer per auto
Voor eigen vervoer per auto geldt dat de bekostiging van het eigen vervoer is gerelateerd aan de bekostiging waar de ouders op basis van de bepalingen in de verordening voor in aanmerking komen: voor openbaar vervoer of voor aangepast vervoer.
Indien het college besluit aan ouders een kilometervergoeding voor eigen vervoer toe te kennen,
wordt volgens de artikelen 13 en19 van de Verordening leerlingenvervoer een vergoeding verstrekt die is afgeleid van de Reisregeling binnenland.
Ten aanzien van de vergoeding van autokosten kan de gemeente kiezen voor een schijvenmodel. Indien deze systematiek gehanteerd wordt, moet de heen- en terugreis tweemaal worden vergoed.
Aantal kilometers Kilometervergoeding in euro’s
0– 5.000 km 0,24 (65% x 0,37) per km
5.001–10.000 km 0,18 (48% x 0,37) per km
10.001–20.000 km 0,14 (37% x 0,37) per km
20.001 km en verder 0,12 (33% x 0,37) per km
Ten aanzien van de vergoeding op basis van openbaar vervoer geldt de berekening zoals opgenomen onder 4.3.2.
Opmerking 1.Vergoeding tussen de middag
Er wordt maximaal twee enkele reizen per dag vergoed: aan het begin en aan het einde van de schooldag. Geen bekostiging wordt verstrekt voor de kosten die ontstaan indien de leerling ook tussen de middag wordt vervoerd.
Opmerking 2.Twee of meer leerlingen
Indien ouders twee of meer leerlingen vervoeren die aangepast vervoer behoeven, wordt uitgegaan van de rijafstand uitgaande van de woning van de te vervoeren leerling die het verst van de school verwijderd woont.
Hoofdstuk 4.
Artikel 4.2.2.