De toekenning eindigt wanneer:
de cliënt niet meer voldoet aan het woonplaatsbeginsel van de Jeugdwet;
de cliënt overlijdt;
de periode zoals vermeld in het besluit is verstreken;
de situatie van de budgethouder wijzigt;
het college vaststelt dat de voorziening niet meer voldoet;
de budgethouder niet of niet tijdig of niet volledig verantwoording aflegt.
het college om andere redenen de toekenning intrekt.
ARTIKEL 3.
Artikel 3.8.