Lid 1
De bijzondere regeling is van toepassing op de in bijlage A opgenomen functiegroep(en) en functies.
Lid 2
De leidinggevende stelt voor deze groep eenzijdig de individuele werktijden vast conform artikel 4:4 van de CAR-UWO.
Lid 3
Het college kan de in de bijlage A genoemde functies/functiegroep(en) wijzigen.
Lid 4
Medewerkers in de bijzondere regeling kunnen conform de bepalingen in de CAR-UWO aanspraak maken op de toelage onregelmatige dienst (artikel 3:11 van de CAR-UWO), danwel de beschikbaarheidstoelage (artikel 3:13 van de CAR-UWO) danwel de overwerkvergoeding (artikel 3:18 van de CAR-UWO).
Artikel 12