Naar hoofdinhoud
1. Het aantal betaaltermijnen binnen een afschrijvingstijdvak is gelijk aan het aantal maanden vanaf de maand opvolgend op de maand waarin de dagtekening van het aanslagbiljet valt, en elk van de volgende termijnen telkens één maand later. Met dien te verstande dat het aantal termijnen ten hoogste tien bedraagt. 2. Indien de machtiging wordt verleend nadat de belastingaanslag is verzonden, wordt het termijnbedrag berekend door het te vorderen bedrag te delen door het aantal resterende incassotermijnen. 3. Indien er tijdens de incassoperiode een vermindering op de belastingaanslag wordt verleend, wordt het bedrag van de vermindering in mindering gebracht op de resterende termijnbedragen.

Rechtspraak bij dit artikel