De hoogte van de bijzonder bijstand is gelijk aan goedkoopste vorm van openbaar vervoer voor het betreffende traject. De kosten van één reis per maand voor 2 personen of één reis per 14 dagen voor 1 persoon komen voor bijzondere bijstand in aanmerking.
Op deze voor bijstand in aanmerking komende kosten worden het in aanmerking te nemen inkomen en vermogen (artikel 35 lid 1 Participatiewet ) in mindering gebracht. Zie voor de gemeentelijke beleidsregels inzake het in aanmerking te nemen inkomen en vermogen paragraaf B7.3.
Eveneens wordt het normbedrag voor vervoer (zie Nibudlijst) wat in de bijstandsnorm is inbegrepen, in mindering gebracht op de te verlenen bijstand.
Hoofdstuk 5.
Artikel 5.1.4.