Men dient indien mogelijk, de bewijzen van het vervoer over te leggen.
Reiskosten voor bezoek aan een familielid, die is opgenomen in een inrichting
De reiskosten voor het bezoeken van naaste familieleden (1e en 2e graad bloedverwantschap) buiten de eigen woongemeente kunnen zodanig hoog oplopen, dat deze niet meer tot het normale uitgavenpatroon kunnen worden gerekend. Deze kosten zijn dan als bijzondere kosten aan te merken. In deze situaties kan éénmaal per week voor 2 personen of tweemaal per week voor 1 persoon bijstand in de reiskosten worden verleend.
Indien een hogere bezoekfrequentie is geïndiceerd door bijvoorbeeld de behandelend specialist, kan hiervan worden uitgegaan.
Geen rekening behoeft te worden gehouden met reiskosten die zouden zijn gemaakt bij opname in de eigen woonplaats. Vergoedingen, die worden verstrekt via de CAZ dan wel een aanvullende- of plusverzekering van een zorgverzekeraar worden beschouwd als een voorliggende voorziening. Hier moet derhalve rekening mee gehouden worden. Als reiskosten worden vergoed:
de kosten van het openbaar vervoer (trein op basis van 2e klas)
ofwel het eigen vervoer van € 0,19 per kilometer.
Vervoer binnen Duiven komt niet voor vergoeding in aanmerking.
Hoofdstuk 8.
Artikel 8.5.5.