Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 7

Artikel 26

Berekeningswijze perceel 3

Onderdeel van Gemeenschappelijke Regeling Schoolverzuim en Voortijdig Schoolverlaten regio West-Kennemerland

1.. Zowel de personeelskosten als de uitvoeringskosten/overheadkosten die verbonden zijn aan de uitvoering van de RMC-taken van het RBL worden gedekt door de jaarlijkse middelen die door het ministerie van OCW voor uitvoering van de RMC-functie aan de RMC contactgemeente Haarlem ter beschikking worden gesteld, de Programmagelden die jaarlijks ten behoeve van de bestrijding van voortijdig schoolverlaten worden vastgesteld en de jaarlijkse Doeluitkering Jeugd/VSV. 2.. Tot de personeelskosten behoren: de salariskosten van de medewerkers van de uitvoerende gemeente tot het maximale bedrag behorende bij de functionele salarisschalen volgens het functiewaarderingssysteem van de uitvoerende gemeente; de kosten van bijzondere beloningen die de uitvoerende gemeente toekent op basis van het functioneren van de medewerker in de uitvoeringsorganisatie; 3.. Tot de uitvoeringskosten behoren: de overheadkosten verbonden aan de uitvoering door de uitvoeringsorganisatie, bij aanvang van de regeling vastgesteld op 20% van de personeelskosten. kosten van de jaarlijkse accountantscontrole. 4.. De financiële risico’s van onrechtmatige besteding van middelen voor uitvoering van de RMC-functie zijn voor rekening van de in artikel 8 eerste lid genoemde gemeenten die deelnemen aan perceel 3 (RMC), naar rato van het percentage dat bij de berekening van het subsidiebedrag van de RMC-middelen door het ministerie van OCW voor de betreffende gemeente is gehanteerd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel