In het uitvoeringsbeleid is inzichtelijk gemaakt welke taken de gemeente heeft op het gebied van vergunningverlening. Ook is gemotiveerd beschreven welke doelen de gemeente zichzelf stelt bij uitvoering van de Wabo en welke activiteiten de gemeente daarvoor onderneemt. Het beleid biedt daarmee het kader en de uitgangspunten voor de uitvoering van taken op het gebied van vergunningverlening in Brunssum.
Het uitvoeringsbeleid en de taken worden vertaald naar dit uitvoeringsprogramma, waarin de invulling van de taken wordt geconcretiseerd. Het uitvoeringsprogramma bevat, met andere woorden, de concrete acties om de doelen te realiseren. De acties zijn meetbaar en bieden onder andere door middel van indicatoren een methodiek om te bepalen of de gestelde doelen worden bereikt. Dit maakt monitoring mogelijk.
De wet eist dat tevens een uitvoeringsprogramma wordt gemaakt en dat de beleidskeuzes die in het uitvoeringsbeleid worden gemaakt jaarlijks worden geëvalueerd en gemonitord. Hierdoor is het mogelijk bij te sturen als dat noodzakelijk blijkt. De uitvoering van de taken op het gebied van vergunningverlening wordt hierdoor transparant en meer zichtbaar voor de burger en de raad. De monitoring dient er ook voor om het uitvoeringsbeleid te evalueren. Het college zal, via het jaarverslag met behulp van het uitvoeringsprogramma, rapporteren aan de gemeenteraad. In het jaarverslag wordt uiteengezet hoe het college haar taken heeft uitgevoerd en kan de gemeenteraad bepalen of deze uitvoering van taken voldoet aan de norm. Zo nodig kan de raad het college bijsturen.
Hoofdstuk 2
Artikel 2.2