Het gaat hier om commerciële reclame aan gevels, waarvoor geen (omgevings)vergunning vereist is. In 2018 is besloten deze vorm van reclame te dereguleren om zo de regeldruk voor bedrijven te verminderen. De detailvoorwaarden staan hieronder vermeld.
Begripsomschrijvingen:
Buitenreclame: alle vanaf de openbare weg zichtbare reclame.
Reclame: het openbaar aanprijzen van producten, (bedrijfs)gebouwen, diensten en namen door middel van (verlichte) opschriften, logo’s, afbeeldingen en schermen met naar buiten tredend licht.
Bouwwerk: een constructie die dusdanig wordt aangemerkt in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.
Bedrijf: een organisatie van mensen en middelen met als doel het leveren van producten of het verlenen van diensten aan andere organisaties of particulieren. De term bedrijf wordt in dit beleid gebruikt voor alle ondernemingen, instellingen en andere organisaties (met of zonder winstoogmerk).
Gebieden met een Hoge beeldregie: gebieden zoals aangegeven op de kaart ‘kwaliteit voor Enschede’ zoals geplaatst op de gemeentelijke website: https://enschede.maps.arcgis.com/apps/SimpleViewer/index.html?appid=b8f66405444f4b388da868a0224b9895
Uitstalling: een los voorwerp geplaatst op de openbare weg voor een (on)roerende zaak, dat een onmiskenbare relatie heeft met de bedrijfsactiviteiten van het in de (on)roerende zaak gevestigd bedrijf.
Raamsticker: een reclame-uiting welke aan de binnenzijde van een raam wordt geplakt.
Uitgangspunten:
Reclames dienen bescheiden te worden toegepast en moeten een eenheid vormen met de architectuur van de (on)roerende zaak.
De reclame heeft een directe relatie met de activiteit die in de (on)roerende zaak wordt uitgevoerd.
Voor bedrijfsverzamelgebouwen en overdekte winkelcentra geldt dat de namen van de verschillende bedrijven dienen te worden aangebracht op gemeenschappelijke reclamedrager(s).
Reclame mag alleen worden aangebracht op de bedrijfsgevel en niet op de gevel van bijvoorbeeld een bovengelegen woning (tenzij het een banier betreft).
Het gevelvlak tussen de begane grond en de eerste verdieping mag, om een visuele scheiding tussen de bouwlagen te voorkomen, niet helemaal bedekt worden met reclame.
De reclame is zodanig dat de verkeersveiligheid niet in gevaar wordt gebracht of dat ernstige hinder ontstaat voor de omgeving.
Hinder door geluid voor omliggende (on)roerende zaken is niet toegestaan. Wie in een (on)roerende zaak met buitenreclame woont of werkt, danwel omwonenden die in de nabijheid van het reclameobject wonen mogen daar geen overlast van ondervinden. Om dit punt objectief te kunnen bepalen wordt verwezen naar de geluidsnota van de gemeente Enschede. Enige andere vorm van hinder of overlast veroorzaakt door het reclameobject is niet toegestaan.
Per (on)roerende zaak is de volgende reclame toegestaan:
maximaal één evenwijdig aan de gevel aangebrachte reclame die voldoet aan de volgende voorwaarden:
geplaatst in de zone tussen begane grond en onderkant kozijn van de eerste verdieping en minimaal 50 cm uit de zijkant of hoek van het gebouw
binnen het gebied met een hoge beeldregie mag de reclame alleen bestaan uit losse letters en/of een logo.
maximaal één haaks op de gevel geplaatste reclame die bestaat uit en voldoet aan:
een uithangbord met de maximale afmeting van 0,5m2; of
een banier die maximaal 70 cm uit de gevel steekt en een maximale afmeting van 1,0 m2.
Naast reclame uit sub 1 en 2 is de volgende reclame toegestaan:
raamstickers tot maximaal 20 % van de glasoppervlakte van de totale gevel, waarbij de raamsticker(s) minimaal 150 mm afstand tot het kozijn heeft of hebben en deze aan de binnenzijde van het raam of ramen wordt of worden aangebracht.
één vlag, met een maximale stoklengte van 1 meter en een maximale afmeting van 0,5 m2.
een naambord bij een bedrijf, niet zijnde detailhandel, met een maximaal oppervlakte van 0,5 m2.
Voor de reclame uit sub 2 en sub 3 onderdelen b en c geldt dat de vrije hoogte (tussen maaiveld en onderzijde reclame) zodanig is dat de weggebruiker geen hinder van de reclame ondervindt.
Een lichtreclame voldoet aan de richtlijnen ter voorkoming van lichthinder die de Nederlandse Stichting voor Verlichtingskunde heeft opgesteld.
Een lichtreclame moet tussen 23.00 en 07.00 uur uitgeschakeld zijn, met uitzondering van lichtreclames voor horecabedrijven.
Schermen met uittredende verlichting moeten altijd dimbaar zijn. Beelden mogen overvloeiende effecten kennen met een frequentie niet lager dan 10 seconden.
Uitgezonderd van deze Nadere regels zijn:
reclames die aangemerkt worden als het bouwen van een bouwwerk in de zin van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, gebouwen die in het bestemmingsplan zijn aangemerkt als bouwwerk dat cultuurhistorisch waardevol is of bouwwerken die vallen onder de werkingssfeer van de Erfgoedwet;
reclames die aangemerkt worden als een uitstalling in de zin van het uitstallingenbeleid van de Gemeente Enschede.
Mogelijkheid tot ontheffing:
Op grond van een gemotiveerd verzoek kan het college, op grond van onder meer de specifieke situatie van het pand, de transparantie van een reclame-uiting of de vorm ervan, een ontheffing van deze Nadere regels verlenen.
Artikel 3.2.4.