Naar hoofdinhoud
1.. Indien een aanvraag om vergunning ziet op een geurbron die een aangename geur emitteert, kan het college besluiten af te zien van een beoordeling op basis van de hedonisch gewogen geurbelasting. 2.. In geval van het eerste lid kan het college besluiten de geurbelasting te beoordelen aan de hand van een beoordelingskader gebaseerd op: de resultaten van een TLO; de op 1 januari 2016 vervallen Bijzondere Regeling B9 ‘Geur en smaakstoffenindustrie’; of enig ander naar het oordeel van het college toereikend beoordelingskader. 3.. Bij het vaststellen van de aanvaardbare geurbelasting betrekt het college ontvangen hindersignalen betreffende de inrichting. 4.. Het college gaat bij de beoordeling van de hedonisch gewogen geurbelasting, dan wel de geurbelasting, uitgedrukt in 99,99 percentielen, uit van de rekenresultaten bepaald volgens methode 1, zoals beschreven in de NTA 9065, bijlage J, paragraaf J.3.2. 5.. Bij het vaststellen van de hedonisch gewogen geurbelasting, dan wel de geurbelasting, uitgedrukt in 99,99-percentielen, wordt voor bronnen, die niet buiten de periode tussen 7.00 uur en 19.00 uur emitteren, gerekend met een bedrijfstijd van 4380 uur per jaar.

Rechtspraak bij dit artikel