Naar hoofdinhoud
In dit besluitwordt verstaan onder: bestuursorgaan: directeur: de directeur van de omgevingsdienst, bedoeld in artikel 27 van de Gemeenschappelijke Regeling gemeenschappelijke regeling: instructie: algemene instructies van het bestuursorgaan aan de directeur van de omgevingsdienst omtrent de uitoefening van gemandateerde bevoegdheden als bedoeld in artikel 10:6 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb lijst van Awb-bevoegdheden: het als Bijlage lijst van overige bevoegdheden: het als Bijlage 2 bij dit mandaatbesluit behorende overzicht, waarop het bestuursorgaan heeft aangekruist welke (categorieën van) bevoegdheden (uitgezonderd Awb-bevoegdheden als bedoeld in Bijlage 1) zijn gemandateerd; machtiging: de bevoegdheid om namens het bestuursorgaan feitelijke handelingen te verrichten die niet vallen onder de definitie van mandaat als bedoeld in sub h van dit artikel; mandaat: de bevoegdheid om namens het bestuursorgaan besluitenals bedoeld in artikel 1:3 van de Awb te nemen, alsmede de noodzakelijke feitelijke handelingen in het kader van de voorbereiding, bekendmaking en uitvoering daarvan te verrichten; omgevingsdienst: de Omgevingsdienst ondermachtiging: de figuur dat de gemachtigde op zijn beurt machtiging verleent aan een ander; ondermandaat: de figuur dat de gemandateerde op zijn beurt mandaat verleent aan een ander; ondervolmacht: de figuur dat de gevolmachtigde op zijn beurt volmacht verleent aan een ander; plaatsvervangend directeur: degene die op grond van de Vervangingsregeling voor directeur, afdelingshoofden en coördinatoren ODR is aangewezen om de directeur te vervangen bij diens verhindering of ontstentenis; volmacht: de bevoegdheid om namens het bestuursorgaan privaatrechtelijke rechtshandelingen te verrichten.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel