1. De betaling van kosten die op grond van deze verordening voor vergoeding of tegemoetkoming in aanmerking komen vindt plaats door:
a. betaling uit gemeentelijke middelen, op basis van een rechtstreekse aan de gemeente toegezonden factuur, of
b. betaling vooruit uit eigen middelen, of
c. betaling met een gemeentelijke creditcard.
2. Een aanvraag om een vergoeding van de onkosten als bedoeld in dit artikel gaat vergezeld van een declaratieformulier en bewijsstukken.
3. Het declaratieformulier en de bewijsstukken worden binnen twee maanden na factuurdatum of betaling door:
a. raads- en commissieleden ingediend bij de griffier;
b. wethouders ingediend bij de gemeentesecretaris.
4. Declaratie van vooruit betaalde kosten
1. De declaratie van de kosten die uit eigen middelen vooruit zijn betaald en de vergoeding van reiskosten met de eigen auto vindt plaats door gebruikmaking van een door het college vastgesteld formulier.
2. Het formulier wordt binnen twee maanden na de betaling c.q. de datum van de gemaakte rit volledig ingevuld en ondertekend door het raads- of het commissielid respectievelijk de wethouder en ter goedkeuring ingediend bij de griffier, respectievelijk de gemeentesecretaris, of een daartoe aangewezen ambtenaar, onder bijvoeging van de bewijsstukken.
Artikel 15.
Betaling en declaratie van onkosten
Onderdeel van Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden 2018