**1..** Het college verstrekt aan de aanvrager van leerlingenvervoer voor de leerling die een school zoals bedoeld in artikel 14 bezoekt een vervoersvoorziening in de vorm van aangepast vervoer, wanneer:
aanspraak bestaat op een vervoersvoorziening zoals bedoeld in artikel 15 of 16 en de leerling met gebruikmaking van openbaar vervoer naar school of terug meer dan anderhalf uur onderweg is en de reistijd met aangepast vervoer tot 50% of minder van de reistijd per openbaar vervoer kan worden teruggebracht;
aanspraak bestaat op een vervoersvoorziening zoals bedoeld in artikel 15 of 16 en openbaar vervoer ontbreekt, tenzij de leerling naar het oordeel van het college onder begeleiding gebruik kan maken van het vervoer per (brom)fiets;
aanspraak bestaat op een vervoersvoorziening zoals bedoeld in artikel 16 en door de aanvrager ten behoeve van het college genoegzaam wordt aangetoond dat begeleiding van de leerling in het openbaar vervoer of bij het vervoer per (brom)fiets door henzelf of anderen onmogelijk is dan wel tot ernstige benadeling van het gezin zal leiden en een andere oplossing niet mogelijk is;
de leerling, naar het oordeel van het college, gelet op zijn structurele lichamelijke, verstandelijke, zintuiglijke of psychische handicap niet in staat is - ook niet onder begeleiding - van openbaar vervoer of vervoer per (brom)fiets gebruik te maken.
**2..** Indien begeleiding in het aangepast vervoer vereist is, vergoedt het college geen andere kosten dan de vervoerskosten die verbonden zijn aan de begeleiding van de leerling in het aangepast vervoer.
Artikel 17