**1..** Het is verboden in de openlucht afvalstoffen te verbranden buiten inrichtingen in de zin van de Wet milieubeheer of anderszins vuur aan te leggen, te stoken of te hebben.
**2..** Mits er geen sprake is van gevaar, overlast of hinder voor de omgeving, is het verbod niet van toepassing op:
verlichting door middel van kaarsen, fakkels en dergelijke;
sfeervuren zoals terrashaarden en vuurkorven, indien geen afvalstoffen worden verbrand;
vuur voor koken, bakken en braden.
**3..** Het college kan van dit verbod ontheffing verlenen mits:
wordt voldaan aan de voorschriften zoals beschreven in het beleid 'Resthout beheerst verbranden' van Regio Rivierenland; of
bij het organiseren van een vreugdevuur geen gevaar kan ontstaan voor personen en de omgeving.
**4..** De ontheffing wordt ingediend middels een door het college vastgesteld formulier.
**5..** Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 kan de ontheffing worden geweigerd ter bescherming van de flora en fauna.
**6..** Het verbod is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door artikel 429, aanhef en onder 1 of 3, van het Wetboek van Strafrecht of de Provinciale milieuverordening.
**7..** Op de ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.
HOOFDSTUK 5. › Afdeling 8.
Artikel 5:34
Verbod afvalstoffen te verbranden buiten inrichtingen of anderszins vuur te stoken
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Maasdriel 2019