Lid 1

De vergoeding van de reiskosten met een openbaar vervoermiddel vindt plaats op grond van de daadwerkelijk gemaakte kosten voor een plaats in de tweede klasse.

Lid 2

Indien de werkgever vooraf toestemming heeft verleend voor het gebruik van een eigen voertuig krijgt de medewerker een kilometervergoeding overeenkomstig de Reisregeling binnenland.

Lid 3

Indien een dienstreis met het openbaar vervoer gemaakt moet worden en de medewerker gebruikt toch zijn eigen voertuig, dan wordt hem een gereduceerde reiskostenvergoeding toegekend conform de Reisregeling binnenland.

Lid 4

Boven de vergoeding als bedoeld in de leden 1 en 2 van dit artikel, wordt aan de medewerker vergoed hetgeen door hem is betaald voor parkeerkosten, bruggelden en stallingkosten. Deze vergoedingen worden aangemerkt als belastbare vergoedin¬gen.