**1..** Een spreker mag in zijn betoog niet worden gestoord, tenzij:
de voorzitter van de raad het nodig oordeelt hem aan het opvolgen van dit reglement te herinneren;
een lid van de raad hem interrumpeert. De voorzitter de raad kan bepalen dat de spreker zonder verdere interrupties zijn betoog zal afronden.
**2..** Elke fractie en het college krijgen een maximum spreektijd van zeven minuten per agendapunt. De voorzitter van de raad ziet hierop toe. De voorzitter van de raad kan, indien hij dit nodig acht, de betrokken spreker tot de orde roepen, dan wel, op verzoek van de spreker, bij voorstel van orde, een langere spreektijd toestaan.
**3..** Indien een spreker zich beledigende of onbetamelijke uitdrukkingen veroorlooft, afwijkt van het in behandeling zijnde onderwerp, een andere spreker herhaaldelijk interrumpeert, dan wel op andere wijze de orde verstoort, wordt hij door de voorzitter van de raad tot de orde geroepen. Indien de betreffende spreker, hieraan geen gevolg geeft, kan de voorzitter van de raad de raad voorstellen hem gedurende de vergadering, over het aanhangige onderwerp het woord te ontzeggen.
**4..** De voorzitter van de raad kan ter handhaving van de orde de vergadering voor een door hem te bepalen tijd schorsen en – indien na de heropening de orde opnieuw wordt verstoord – de vergadering sluiten.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 3
Artikel 21