De inrichtingskosten behoren tot de algemene kosten van bestaan, waarvoor geen bijzondere bijstand mogelijk is. Deze kosten kunnen worden bestreden via reservering of door gespreide betaling achteraf.
Afwijking van het eerste lid is mogelijk als:
Er sprake is van een noodzakelijke verhuizing die op geen enkele manier voorzienbaar is;
Er sprake is van een eerste verhuizing na het verlaten van het AZC.
Voor het aanvragen van inrichtingskosten moet men zich wenden tot de gemeente waar men de intentie heeft feitelijk te aan verblijven.
Bij een verhuizing waarbij een medische of sociale indicatie ten grondslag ligt, is de Wmo 2015 een passende en toereikende voorliggende voorziening voor deze kosten.
Indien de belanghebbende niet zelf in de kosten kan voorzien is een geldlening van de Kredietbank een voorliggende voorziening.
Wanneer wegens bijzondere omstandigheden reserveren niet of niet voldoende mogelijk was, en een geldlening via de Kredietbank ook niet mogelijk is, kan bijzondere bijstandsverlening aan de orde zijn. Bij het bepalen van de noodzaak is het van belang of de aanschaf voorzienbaar was en gereserveerde gelden al zijn verbruikt voor andere duurzame goederen.
De bijzondere bijstand voor duurzame gebruiksgoederen wordt verleend in de vorm van een lening en moet terugbetaald worden zoals beschreven in artikel 10 lid 3.
De bijzondere bijstand voor overige inrichtingskosten zoals verf, behang, vloerbedekking wordt verleend als bijstand om niet.
Voor nieuwkomers geldt dat zij een totale lening bij de Kredietbank kunnen aanvragen. Daarbij hoort een door de gemeente afgegeven borgstelling en een aflossingssuppletie.
Hoofdstuk 3
Artikel 38:
Inrichtingskosten ( inclusief duurzame gebruiksgoederen)
Onderdeel van Beleidsregels bijzondere bijstand Gooise Meren 2019