Deze beleidsregel richt zich op drie verschillende overtredingen van de Opiumwet (artikel 2, 3 en 11a Opiumwet). De burgemeester maakt gebruik van zijn bevoegdheid om handhavend op te treden indien in een woning of lokaal een hennepkwekerij, -knipperij, of -drogerij wordt aangetroffen, productie van harddrugs plaatsvindt of middelen daartoe aanwezig zijn. Daarnaast maakt de burgemeester gebruik van zijn bevoegdheid om handhavend op te treden indien in of vanuit woningen of lokalen dan wel in of bij woningen of zodanige lokalen behorende erven drugshandel plaatsvindt. Met de verruiming van de werkingssfeer van artikel 13b Opiumwet is de burgemeester tevens bevoegd om ook woningen en lokalen te sluiten indien er voorbereidingen ten behoeve van de productie van drugs plaatsvinden.
Voorbereidingshandelingen
De bepaling in artikel 11a van de Opiumwet vereist dat diegene die een stof of voorwerp in een woning of een lokaal, of op het erf, voorhanden heeft, weet of ernstige reden heeft om te vermoeden dat het voorwerp of de stof bestemd is voor onder meer het bereiden, bewerken of vervaardigen van harddrugs, respectievelijk voor grootschalige of andere bedrijfsmatige illegale hennepteelt. Dit kan blijken uit de aard en hoeveelheid van de aangetroffen voorwerpen en stoffen.
Definitie drugshandel
In deze beleidsregels wordt onder drugshandel verstaan: de verkoop, aflevering of verstrekking dan wel daartoe aanwezigheid van drugs in een pand en de daarbij behorende erven. Onderstaande beleidsregels zien toe op de bevoegdheid tot het sluiten van panden door de burgemeester bij verkoop, aflevering of verstrekking dan wel aanwezig zijn daartoe van een middel als bedoeld in lijst I of II vanuit woningen of lokalen en daarbij behorende erven.
Definitie harddrugs
Alle middelen als bedoeld in lijst I van de Opiumwet. Als in deze beleidsregel wordt gesproken over harddrugs, wordt hiermee tevens de voorbereidingshandelingen daartoe bedoeld.
Definitief softdrugs
Alle middelen als bedoeld in lijst II van Opiumwet. Als in deze beleidsregel wordt gesproken over softdrugs, wordt hiermee tevens de voorbereidingshandelingen daartoe bedoeld.
Meer dan handelshoeveelheid
In geval van een hoeveelheid van meer dan 5 hennepstekjes of -planten wordt aangenomen dat er sprake is van beroeps- en bedrijfsmatige hennepteelt. Er is dus geen sprake van een geringe hoeveelheid voor eigen gebruik. Er is bij hennepknipperijen, drogerijen en buitenteelt vaak sprake van meer dan 30 gram hennep of hasjiesj. In het geval van 30 gram of meer hennep of hasjiesj brengt dit het risico van overdraagbaarheid met zich mee. Indien er sprake is van het telen van hennep om geldelijk gewin te verkrijgen, wordt, ongeacht de hoeveelheid planten, aangenomen dat er sprake is van beroeps- en bedrijfsmatig handelen. In geval bij paddo's dient bij het bepalen van een handelshoeveelheid een onderscheid te worden gemaakt in verse paddo's en gedroogde paddo's. Onder een handelshoeveelheid wordt doorgaans verstaan >0,5 gram gedroogde paddo's en >5 gram verse paddo's. Bij qat wordt uitgegaan van het gezamenlijk gewicht van de stengel en blaadjes, omdat beiden kunnen worden gekauwd. Onder een handelshoeveelheid wordt doorgaans verstaan >1 bundel (ca. 200 gram) qat. Bij harddrugs: 1 bolletje c.q. 1 ampul c.q. 1 wikkel c.q. 1 tablet c.q. 1 pil (in elk geval een aangetroffen hoeveelheid van maximaal 0,5 gram) c.q. 1 gemiddelde consumptie-eenheid wordt gelijkgesteld met 0,5 gram harddrugs. Voor GHB geldt 5 ml als gemiddelde consumptie-eenheid. In geval van 0,5 gram/5 ml of meer harddrugs brengt dit het risico van overdraagbaarheid met zich mee. Dit wordt in deze beleidsregel in ieder geval beschouwd als een handelshoeveelheid als bedoeld voor het verkopen, afleveren, verstrekken dan wel daartoe aanwezig zijn in de zin van artikel 13b Opiumwet.
Welk instrument passen we toe?
Bij overtredingen van de genoemde artikelen wordt een last onder bestuursdwang toegepast. De bevoegdheid tot het opleggen van een last onder bestuursdwang is ontleend aan artikel 125 Gemeentewet juncto artikel 5:21 Awb. Een last onder bestuursdwang is een direct middel dat tot feitelijke beëindiging van de overtreding kan leiden. Gelet op de aard van de overtreding en de te beschermen belangen, wordt onmiddellijke beëindiging van de overtreding belangrijk geacht.
Bij het toepassen van de last onder bestuursdwang wordt gekozen voor het sluiten van het lokaal of de woning en het daarbij behorende erf. Het doel hiervan is onder meer om de aanloop, het gebruik en de bekendheid van de woning of het lokaal als drugspand te doorbreken. Door middel van sluiting wordt de openbare orde, de aantasting van het woongenot en de bedreiging van de leefbaarheid voor de omgeving hersteld en het gevaar voor de veiligheid en gezondheid beëindigd. Wanneer feitelijk tot sluiting wordt overgegaan, wordt de woning of het lokaal en het daarbij behorende erf voor eenieder ontoegankelijk gemaakt. Niemand mag gedurende de sluiting gebruik maken van het pand. Ook wordt via aanplakborden kenbaar gemaakt dat het pand voor drugsgerelateerde zaken is gebruikt en derhalve gesloten is.
Tot wie richt de beschikking zich?
De bevoegdheid van artikel 13b Opiumwet is in beginsel gericht op het pand en niet gericht tegen de exploitant c.q. eigenaar. Het betreft namelijk geen punitieve sanctie maar een herstelmaatregel.
Lokaal en bijbehorende erven
Overtreding van artikel 2 Opiumwet
Van deze overtreding is in ieder geval (niet limitatieve opsomming) sprake in de volgende gevallen:
Verkoop van harddrugs en/of grondstoffen of de aanwezigheid daartoe door eigenaar/exploitant, leidinggevende of ander personeel, huurder/ bewoner;
Aanwezigheid van harddrugs in het lokaal of bijbehorend erf in een handelshoeveelheid (> 0,5 gram harddrugs/ voor GHB > 5 ml);
Indien in een lokaal (+bijbehorend erf) een grootschalige handelshoeveelheid harddrugs wordt geconstateerd (> 500 gram/ml en/of 500 pillen) wordt er een stap in het in paragraaf 4.1.1 genoemde schema overgeslagen.
Overtreding van artikel 3 Opiumwet
Van deze overtreding is in ieder geval (niet limitatieve opsomming) sprake in de volgende gevallen:
Aanwezigheid van softdrugs en/of grondstoffen voor de productie daartoe door eigenaar/exploitant, leidinggevende of ander personeel;
Aanwezigheid van softdrugs in het lokaal in een handelshoeveelheid (> 5 gram softdrugs);
Aanwezigheid van een bedrijfsmatige hennepkwekerij (> 5 hennepplanten en/of hennepstekken);
Indien in een lokaal (+bijbehorend erf) een grootschalige handelshoeveelheid softdrugs wordt geconstateerd (30 hennepplanten en/of hennepstekken en/of 30 gram) wordt er een stap in het in paragraaf 4.1.2 genoemde schema overgeslagen.
Woning en bijbehorende erven
Overtreding van artikel 2 Opiumwet
Van deze overtreding is in ieder geval (niet limitatieve opsomming) sprake in de volgende gevallen:
Verkoop van harddrugs en/of grondstoffen of de aanwezigheid daartoe door de eigenaar/huurder/ bewoner;
Aanwezigheid van harddrugs in de woning in een handelshoeveelheid (> 0,5 gram harddrugs/ voor GHB > 5ml);
Indien in een woning (+bijbehorend erf) een grootschalige handelshoeveelheid harddrugs wordt geconstateerd (> 500 gram/ml en/of 500 pillen wordt er een stap in het in paragraaf 4.2.1 genoemde schema overgeslagen.
Overtreding van artikel 3 Opiumwet
Van deze overtreding is in ieder geval sprake (niet limitatieve opsomming) in de volgende gevallen:
Verkoop van softdrugs en/of grondstoffen of de aanwezigheid daartoe door eigenaar/ huurder/ bewoner;
Aanwezigheid van softdrugs in het lokaal in de woning in een handelshoeveelheid (>5 gram softdrugs);
Aanwezigheid van een bedrijfsmatige hennepkwekerij (> 5 hennepplanten).
Indien er in een woning en/of bijbehorende erven een grootschalige handelshoeveelheid softdrugs (hoeveelheid van > 30 hennepplanten en/of > 30 gram softdrugs) aanwezig is wordt dit gezien als meer dan een geringe hoeveelheid. In dergelijke gevallen wordt er een stap in het in paragraaf 4.2.2 genoemde schema overgeslagen. Een woning kan dan bijvoorbeeld bij de eerste constatering direct voor 3 maanden worden gesloten.
Artikel 3.1