Het is een inrichting toegestaan maximaal 4 incidentele festiviteiten per kalenderjaar te houden waarbij de geluidsnormen als bedoeld in de artikelen 2.17, 2.19 en 2.20 van het Besluit en artikel 4:5 van deze verordening niet van toepassing zijn mits de houder van de inrichting ten minste 10 werkdagen voor de aanvang van de festiviteit het college daarvan in kennis heeft gesteld.
Het is een inrichting toegestaan om tijdens maximaal 4 incidentele festiviteiten per kalenderjaar de verlichting langer aan te houden ten behoeve van sportactiviteiten waarbij artikel 3.148, eerste lid, van het Besluit niet van toepassing is mits de houder van de inrichting ten minste 10 werkdagen voor de aanvang van de festiviteit het college daarvan in kennis heeft gesteld.
Het college stelt een formulier vast voor het doen van een kennisgeving.
De kennisgeving wordt geacht te zijn gedaan wanneer het formulier, volledig en naar waarheid ingevuld, tijdig is ingeleverd op de plaats op dat formulier vermeld.
De kennisgeving wordt tevens geacht te zijn gedaan wanneer het college op verzoek van de houder van een inrichting een incidentele festiviteit, die redelijkerwijs niet te voorzien was, terstond toestaat.
Het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau (L ArLT) veroorzaakt door de inrichting bedraagt niet meer dan 70 dB(A), gemeten op de gevel van geluidgevoelige gebouwen op een hoogte van 1,5 meter.
De geluidswaarde als bedoeld in het zesde lid is inclusief onversterkte muziek en exclusief 10 dB(A) toeslag vanwege muziekcorrectie. Tevens wordt de bedrijfsduurcorrectie buiten beschouwing gelaten.
Op de dagen als bedoeld in het eerste lid wordt het ten gehore brengen van extra muziek - hoger dan de geluidsnorm als bedoeld in de artikelen 2.17, 2.19 en 2.20 van het Besluit en artikel 4:5 van deze verordening - uiterlijk om 1.00 uur beëindigd.
De geluidsnorm als bedoeld in het zesde lid geldt zowel voor het bebouwde gedeelte van de inrichting als voor de buitenruimte.
Bij het ten gehore brengen van muziekgeluid, waarbij uitsluitend in het bebouwde gedeelte van de inrichting muziekgeluid ten gehore wordt gebracht, blijven ramen en deuren gesloten, behoudens voor het onmiddellijk doorlaten van personen of goederen.
Het college kan nadere regels vaststellen met andere normen zoals bedoeld in het zesde lid.
Hoofdstuk 4
Artikel 4:3
Kennisgeving incidentele festiviteiten
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Bladel 2018