Voor elke markt stellen burgemeester en wethouders een inrichtingsplan vast, dat in elk geval bevat:
aanduiding van de dagen en de uren waarop en eventueel de periode waarin de markt wordt gehouden (markttijd);
een kaart van de markt;
mededeling dat het anciënniteitsstelsel van artikel 5 van toepassing is;
aanduiding van de wijze waarop nieuwe vaste-standplaatsvergunningen, dag-plaatsvergunningen kunnen worden verstrekt;.
Op de kaart zijn aangegeven:
de grenzen van de markt;
de plaatsen of gebieden die bestemd zijn voor houders van een vaste-standplaatsver-gunning;
de plaatsen of gebieden die bestemd zijn voor standwerkers.
Als een standplaats, bestemd voor de houder van een vaste-standplaatsvergunning bij aanvang van de markt nog niet door de vergunninghouder of diens plaatsvervanger is in-genomen, kan daarvoor een dagplaatsvergunning door de marktmeester worden afgegeven.